Ga naar de inhoud van deze pagina.
Jaarrekening 2025 Jaarrekening 2025

Thema 3: wonen en volkshuisvesting

In 2025 wordt overeenkomstig een programmaoverzicht inzet gepleegd om woningbouw te realiseren of om de ontwikkeling mogelijk te maken. Dit vraagt om de ontwikkeling van potentiële woningbouwlocaties, intensieve planvoorbereiding, verdichtingsstrategieën en realisatie. Bij de uitwerking is het van belang om verbinding te houden met de lokale context en de maatschappelijke opgave die specifiek speelt rondom een potentiële woonlocatie (sociale componenten van de fysieke woonopgave). De gemeente werkt daarin samen met de inwoners, woningcorporaties, provincie, rijk en marktpartijen. Inzet is: het bedienen van de woonvraag, in alle kernen of dorpen, voor alle groepen in combinatie met aspecten als betaalbaar wonen, doorstroming, sociale kwaliteit, wonen met een zorgvraag en verduurzaming.

In het kader van wonen en zorg is in 2024 een woonzorgonderzoek uitgevoerd. Deze wordt vertaald naar een Woonzorgvisie voor Eemsdelta die begin 2025 wordt opgeleverd, hierin wordt de gemeentelijke visie weergegeven hoe te voorzien in wonen, zorg en welzijn voor ouderen en andere kwetsbare doelgroepen. Deze opgave in combinatie met de opgave uit de woonvisie zal door de gemeente in 2025 worden vertaald in een woningbouwprogrammering voor de gemeente Eemsdelta. De gemeente staat met de uitvoering van de woonvisie (toevoegen woningen) in combinatie met het versterkingsprogramma voor een omvangrijke uitdaging, die de komende jaren moet worden ingevuld. Naast ontwikkelingen in de kernen, wordt in de dorpen maatwerk geleverd om samen met inwoners initiatieven mogelijk te maken. Ook in 2025 krijgen een aantal ontwikkelingen in samenwerking met woningcorporaties en/of particulieren een vervolg. Naast de aanpak vanuit de woonvisie, wordt er in 2025 uitvoering gegeven aan het meerjarig ambitiekader prestatieafspraken. Dit is in gezamenlijkheid opgesteld met de woningcorporaties en huurdersorganisaties. De uitwerking van de ambities in hoe wij het willen gaan realiseren, vindt jaarlijks plaats in prestatieafspraken. Dit proces start jaarlijks met een ''bod'' van de woningcorporaties, in afstemming met de huurdersorganisaties. In 2025 wordt de uitvoering doorgezet van de stimuleringsregelingen. De inwoners kunnen een starters-, stimulerings- of verzilverlening aanvragen bij de gemeente.

In 2023 is de huisvestingsverordening met opkoopbescherming ingevoerd. In 2025 wordt dit geëvalueerd en indien nodig geactualiseerd. Hierbij wordt gekeken of het doel wordt bereikt, namelijk dat starters meer kans op de woningmarkt hebben.

Speerpunten om de opgave van wonen en volkshuisvesting aan te pakken zijn:

1. Ontwikkelen woonzorgvisie;

2. Monitoren meldpunt Wet op goed verhuurderschap;

3. Uitvoering (kwaliteit en kwantiteit) programmaoverzicht woningbouw, in samenwerking met inwoners, woningcorporaties, provincie, rijk en marktpartijen;

4. Uitvoering geven aan het meerjarig ambitiekader om samen met de woningcorporaties en huurdersorganisaties te komen tot prestatieafspraken op de volkshuisvestelijke thema's;

5. Uitvoering, monitoren en evalueren van de huisvestingsverordening met opkoopbescherming.

Daarnaast is er een drietal wetten die vertaald moeten worden binnen de gemeentelijke taken. De Wet Goed Verhuurderschap is in 2024 ingevoerd en wordt in 2025 nader geëvalueerd.

In het verlengde van deze wetgeving is de Wet betaalbare Huur ingevoerd per 1 juli 2024, met daarin de verplichting voor de gemeenten om per 1 januari 2025 toe te zien op de volgende drie regels uit de wet:

· Verhuurders moeten zich altijd houden aan het woningwaarderingsstelsel (WWS)

· Ze mogen de huur alleen verhogen met de wettelijk toegestane huurverhoging

· Ze moeten hun huurders informeren over hoeveel WWS-punten de woning heeft

Tenslotte is de Wet Versterking Regie op de Volkshuisvesting nu in behandeling bij het Parlement. Als deze wet wordt aangenomen zal dit ook de nodige impact hebben op gemeenten. De belangrijkste punten die verwacht worden zijn onder andere: het maken van een gemeentelijke Woonzorg Visie, het opnemen van een Urgentieregeling voor het huisvesten van de in de wet benoemde Aandachtgroepen, monitoringsverplichtingen en nadere regulering verhouding Gemeente-Woningcorporaties.


Wat willen we bereiken? Wat gaan we daarvoor doen?

Realiseren van een aantrekkelijke woonomgeving door een passend woningaanbod te creëren om inwoners te binden en om mensen aan te trekken.

- Ontwikkelen woonzorgvisie;

- Monitoren meldpunt op goed verhuurderschap;

- Uitvoeren programmaoverzicht om woningbouw te realiseren of te ontwikkelen;

- Uitvoeren meerjarig ambitiekader prestatieafspraken;

- Opstellen jaarlijkse prestatieafspraken;

Toekomstbestendige en krachtige centra, dorpen en wijken.

- Uitvoeren geplande woningbouwprogramma;

- Maatwerk bieden in de dorpen;

- Uitvoeren maatregelenpakket (starters-, stimulerings-, en verzilverleningen).


Wat hebben we bereikt?

In 2025 is het concept woonzorgvisie in overleg met de betrokken partijen op gebied van Wonen, Zorg en Welzijn verder uitgewerkt en afgestemd met vertegenwoordigers van onze inwoners. Eind 2025 was daarmee de visie gereed voor behandeling in de raad. Naast het gemeentelijke visie document is in gezamenlijkheid met de andere Groninger gemeenten en de Provincie Groningen gewerkt aan instrumenten zoals de Woonzorgmonitor, die gebruikt kunnen worden met betrekking tot de regionale afstemming. Het meldpunt goed verhuurderschap functioneert naar behoren en het monitoren van de resultaten is uitgevoerd.


Op het gebied van het Programmaoverzicht Woningbouw zijn het afgelopen jaar nadere stappen gezet, het overzicht en daarmee inzicht is verder verfijnd. Op basis van deze overzichten is er samengewerkt met marktpartijen, terwijl er ook afstemming is geweest met de vertegenwoordigers in de wijken en dorpen, aan de invulling van woningbouwlocaties op basis van onze planning.

In 2025 is er invulling gegeven aan de prestatieafspraken met woningcorporaties en hun huurdersvertegenwoordigers. Het afgelopen jaar zijn voor een periode van twee jaar afspraken gemaakt, waardoor er voor komend jaar meer ruimte is ontstaan voor inhoudelijke afstemming en uitvoering.

In 2025 heeft er een evaluatie plaatsgevonden van de Huisvestingsverordening en dan met name de daarin beschreven opkoopbescherming. Op basis hiervan is de effectiviteit van de maatregel aangetoond, doel om meer woningaanbod voor starters te realiseren is gehaald. De WOZ-waarde is daarmee ook geïndexeerd om de beoogde doelen blijvend te kunnen dienen.

In 2025 is in regionaal verband gewerkt aan afspraken die voortvloeien uit de Wet Versterking regie op de Volkshuisvesting. In 2025 is er wederom gebruik gemaakt van de stimuleringsmaatregelen in de vorm van een startersleningen, stimuleringslening en de verzilverlening. Dankzij de invoering van de opkoopbescherming is er een stijging waargenomen van het aantal startersleningen.


Volkshuisvestingsfonds

Vanaf 2024 is er gestart met de uitvoering van het Volkshuisvestingsfonds.

De regeling is tot halverwege 2024 uitsluitend opengesteld voor de doelgroep met een inkomensgrens tot 110% van het sociaal minimum. Vanaf juli 2024 kan deze doelgroep nog steeds deelnemen, maar wordt de inkomensgrens verbreed. Het doel is dat 400 tot 500 huishoudens zich aanmelden voor de regeling. Deze regeling wordt in 2026 gecontinueerd, totdat het beschikbare budget is bereikt.

Wat hebben we bereikt?

Wat betreft de grondgebonden woningen zijn er 452 subsidies verstrekt voor een totaal bedrag van € 5.563.200. Er is nog € 5.286.800 beschikbaar. In de begroting zijn we uitgegaan van 700 woningen om te verduurzamen, maar omdat Maatregel 29 ook beschikbaar is zijn er meer middelen en kunnen we waarschijnlijk geen 700 woningen verduurzamen maar ruim 900 woningen. Het project loopt nog tot 2031, dat we nu reeds op de helft zitten betekent dat we behoorlijk voor lopen op het schema.

Er zijn inmiddels 8 VVE’s die een subsidie aanvraag hebben gedaan, dit zijn 124 appartementen. In totaal gaat het om € 1.460.500. In de pot zit nu nog € 4.389.500. Alle prinsessenflats hebben een aanvraag ingediend en 2 zijn nog onderweg met een aanvraag. In januari zijn er diverse Algemene Leden Vergaderingen van de VVE’s. Zo komen er nog aanvragen binnen nu van de Rijkswegflats, de Marijkeflat, Polarisflat, Neptunusflat en Kustwegflat. Dit zijn nog eens 200 appartementen, daarmee komt de teller dan op 324 appartementen. In de begroting is rekening gehouden met 450 appartementen. Dit project loop ook tot 2031 en is dus ver voor op schema.